Overslaan en naar de algemene inhoud gaan

Doeltreffend ecologisch beheer van het Leiebekken

Doeltreffend ecologisch beheer van het Leiebekken

Nieuws
02/06/2020

Het doel van het project is om overstromingen beter in hand te houden en ze ook te voorkomen. Daarvoor past het project ecologische en hydraulische maatregelen toe in 47 gemeenten in Frankrijk, Wallonië en Vlaanderen.

“LINBATYS zet sterk in op waterbouwkundige maatregelen tegen overstromingen met aandacht voor de ecologie en de leefomgeving van dieren en planten.”

De voorbije vijftien jaar heeft de Frans-Belgische grensstreek rond het Leiebekken last van ernstige overstromingen. Akkers en weilanden staan vaak onder water, bewoners en bedrijven kampen regelmatig met wateroverlast. Die overstromingen zijn het gevolg van de klimaatverandering, de verstedelijking, de natuurlijke eigenschappen van het Leiebekken, de veranderende landbouwpraktijken en de monding van verschillende beken.  Het LINBATYS-project maakt deel uit van het European Territorial Cooperation project.

Wim Vandewalle, projectcoördinator van LINBATYS, ziet interessante perspectieven in zo’n grensoverschrijdende samenwerking: “Waterbouwkundige problemen moet je over de regio’s heen aanpakken. Als provincie West-Vlaanderen zijn wij geïnteresseerd in de Franse en Waalse partners van dit project. Samen met Union Syndicale d’Aménagement Hydraulique du Nord (USAN), Comines-Warneton en Wallonië zetten wij sterk in op waterbouwkundige maatregelen tegen overstromingen met aandacht voor de ecologie en voor de leefomgeving van dieren en planten.” De kostprijs van het project ligt rond de drie miljoen euro. In een gebied van 570,42 vierkante kilometer, dat is zo groot als 114 voetbalvelden naast elkaar, met 47 gemeenten verspreid over Frankrijk, Wallonië en Vlaanderen werden hydraulische maatregelen toegepast.  Dat zijn maatregelen die de ontwikkeling van biodiversiteit bevorderen en de grondwaterlagen behouden.

Hydraulische maatregelen

Katrien Thomaes, bekkencoördinator bij de Vlaamse Milieumaatschappij, verduidelijkt welke maatregelen al genomen zijn: “Het is de bedoeling om bufferbekkens te realiseren die het overtollige water ophouden, zodat het water minder snel afstroomt. Bufferbekkens spelen op die manier een belangrijke rol in het voorkomen van wateroverlast. Daarnaast is het ook noodzakelijk om de oevers af te schuinen, zodat je de waterloop ruimte geeft om uit zijn oevers te treden tijdens de winter. Er zijn kleine maatregelen om stuwdammen te creëren. Die stuwdammen houden rekening met de economische doelstellingen van onder andere de vismigratie.”

Planningsverantwoordelijk van het Leiebekken, Marijn Galle, treedt Katrien Thomaes bij: “Belangrijk in het waterbeheer is dat het water hoog moet worden opgevangen, zodat het niet meteen allemaal naar laaggelegen gebieden stroomt. Zo zijn er in het verleden al bufferbekkens aangelegd in de Hogeplankenbeek (Wervik), de Douvebeek (Warneton) en de Geluwebeek (Menen). Met een automatisch stuwsysteem kan het water afgevoerd worden zodra het waterpeil laag genoeg staat. De bekkens moeten in de toekomst uitgediept en vergroot worden.”

In de toekomst zal er naast de verandering van het klimaat ook rekening moeten worden gehouden met de droogte. “De laatste twee jaar worden we enorm geconfronteerd met droogte en watertekort. Onze focus is dan ook verlegd en in de toekomst willen we daar dan ook sterk op gaan inzetten. Zo willen we aftappunten van water creëren voor boeren zodat zij in geval van droogte dat water kunnen gebruiken”, zegt projectcoördinator Wim Vandewalle. In de volgende jaren zal Europa zijn doelstellingen moeten verbreden en zullen ze ook sterk moeten inzetten op droogte en watertekort.